keyboard_arrow_right
Deontologie

Identiteitskaart

De Nationale Raad wordt door de Minister van Volksgezondheid om advies verzocht in verband met het voorstel van een gemeentelijke administratie om, op het uitdrukkelijke verzoek van de belanghebbende, facultatieve medische gegevens op de nieuwe identiteitskaart te vermelden: hemofilie type A, Factor VIII deficiëntie, bloedgroep O Rh+.

Zonder ook maar enigszins aan de goede bedoelingen van het gemeentebestuur te twijfelen, meent de Nationale Raad toch dat het gevaarlijk is om informatie te vermelden die, o.a. op het punt van de tewerkstelling, tot discriminatie zou kunnen leiden.

Advies van de Nationale Raad:

Met referte aan Uw schrijven van 4 februari 1987 betreffende de vermelding van medische gegevens op de keerzijde van de nieuwe identiteitskaarten, heb ik de eer U te laten weten dat de Nationale Raad, in zijn vergadering van 21 maart 1987, een negatief advies heeft verleend.

De Nationale Raad herinnert bij deze gelegenheid aan de in dit verband reeds eerder uitgebrachte adviezen. Het zou zeer nuttig zijn wanneer elke patiënt de naam en het telefoonnummer van zijn huisarts bij zich zou hebben met daarnaast, zo nodig, een gesloten en gedateerde brief van deze met de noodzakelijke en bijgehouden gegevens over de gezondheidstoestand van de betrokkene.

Advies Medicard gepubliceerd in het O.T. nr 28 (1979‑1980):

De Nationale Raad werd van verscheidene zijden geïnterpeleerd in verband met de zogenaamde «Medicard», een «medische identiteitskaart» die op initiatief van een beroepsvereniging van geneesheren en door bemiddeling van een farmaceutisch bedrijf, aan het publiek werd voorgesteld.

De Nationale Raad heeft in 1977 dit probleem reeds nader onderzocht naar aanleiding van een voorstel van de Raad van Europa tot invoering van de «internationale ziektekredietkaart».

Nadat de voor‑ en nadelen van dit systeem werden afgewogen en omwille van de ruchtbaarheid die dit initiatief kreeg in de pers, heeft de Nationale Raad het nodig geacht het publiek te waarschuwen tegen de gevaren inherent aan dit soort documenten.

PERSCOMMUNIQUE (21 mei 1980)

De Nationale Raad van de Orde der geneesheren wenst het publiek te waarschuwen voor de gevaren verbonden aan de recent met veel publiciteit aangekondigde verspreiding van een medische identiteitskaart «Medicard».

De Nationale Raad is van mening dat deze kaart aan de patiënt enkel een vals gevoel van veiligheid kan geven daar de summiere informatie eerder misleidend dan helpend zal zijn. Zo mag de Medicard bijvoorbeeld in geen geval de momenteel in omloop zijnde bloedgroepkaartjes vervangen en zal zij eerder verouderde en onvolledige dan recente gegevens over diagnose en behandeling verstrekken.

Daarnaast wijst de Nationale Raad erop dat het gebruik van de kaart tot een schending van de privacy kan Ieiden en door onbevoegden voor doeleinden kan gebruikt worden waarvoor zij niet bestemd is.
De Nationale Raad herinnert bij deze gelegenheid aan de in dit verband reeds eerder aan het geneesherencorps uitgebrachte adviezen. Het zou zeer nuttig zijn wanneer elke patiënt de naam en het telefoonnummer van zijn huisarts bij zich zou hebben met daarnaast, zo nodig, een gesloten en gedateerde brief van deze met de noodzakelijke en bijgehouden gegevens over de gezondheidstoestand van de betrokkene.