keyboard_arrow_right
Deontologie

Resultaten

Resultaten

Vorige pagina

30

pagina

Aids04/02/2012 Documentcode: a137007
Verpleegkundige besmet met HIV en HCV - Beroepsgeheim

Een arts vraagt de Nationale Raad advies betreffende de houding die aangenomen dient te worden wanneer hij/zij bij een patiënt, ziekenhuisverpleegkundige, een positieve serologie voor HIV en HCV, ontdekt.

Advies van de Nationale Raad :

In zijn vergadering van 4 februari 2012 besprak de Nationale Raad uw mail van 7 oktober 2011 waarin u hem om advies verzoekt betreffende de houding die aangenomen dient te worden nadat bij een patiënt, ziekenhuisverpleegkundige, een positieve serologie voor HIV en HCV, ontdekt werd.

Als bijlage vindt u het advies van de Nationale Raad van 21 maart 2009, met als titel "Beroepsgeheim en aids - Mededeling aan de partner", dat gepubliceerd werd in het Tijdschrift van de Nationale Raad nr. 125.
Hoewel dit advies handelt over het risico op besmetting door de patiënt in het kader van zijn persoonlijke levenssfeer, gelden de beginselen die er in uiteengezet worden tevens voor het risico op besmetting door de patiënt in het kader van zijn beroepsactiviteiten.

Ter aanvulling van dit advies en rekening houdend met het door de patiënt uitgeoefende beroep van verpleegkundige dat het besmettingsrisico, kan verhogen, verstrekt de Nationale Raad u volgende aanbevelingen.

Naast de informatie aan deze patiënt over zijn gezondheidstoestand moet u hem eveneens wijzen op de noodzakelijke en concrete maatregelen die dienen getroffen te worden om tegemoet te komen aan het risico door hem verzorgde patiënten te besmetten en de nadruk leggen op het feit dat niet-naleving van deze maatregelen zijn burgerlijke en strafrechtelijke aansprakelijkheid kan meebrengen.

Indien het risico enkel kan vermeden worden door het wijzigen van zijn activiteiten binnen de ziekenhuisinstelling zal de arbeidsgeneesheer hem kunnen helpen om een oplossing te vinden.

Indien deze verpleegkundige besmet werd ten gevolge van een arbeidsongeval zal de tussenkomst van de arbeidsgeneesheer ook als doel hebben de herhaling van dergelijk ongeval te voorkomen.

In het kader van de zorgverstrekking door u (of een collega naar wie u hem hebt verwezen) is het van belang de patiënt binnen een korte tijdspanne, bv. twee weken, terug te zien en te ondervragen over de concrete door hem getroffen maatregelen om besmetting te vermijden, om u ervan te vergewissen dat alle aanbevelingen werden begrepen en nageleefd, en hem desgevallend alle nodige hulp voor te stellen om dit doel te bereiken.

Het is pas wanneer blijkt dat deze verpleegkundige spontaan geen maatregelen heeft getroffen ter bescherming van de patiënten dat u hem er zult op attent maken dat zijn houding u er zou kunnen toe verplichten uw beroepsgeheim te doorbreken, bv. door de arbeidsgeneesheer te verwittigen ingeval u van mening bent dat u met een noodtoestand wordt geconfronteerd.

Bovendien, indien de verpleegkundige zich niet meer op uw raadpleging aanmeldt of indien u oordeelt dat ondanks zijn beweringen hij de nodige beschermingsmaatregelen niet heeft getroffen, zult u in geweten moeten beslissen over de aanwezigheid of niet van een noodsituatie die een doorbreking van het medisch geheim kan rechtvaardigen.

Voor het begrip "noodtoestand" en de omstandigheden waarin u zich op deze noodtoestand kunt beroepen verwijst de Nationale Raad opnieuw naar zijn voormelde advies.

Homeopathie21/01/2012 Documentcode: a137003
Klachten over ongeschikte behandeling met homeopathie

In juni laatstleden publiceerde het KCE (Kennis Centrum, Centre d'expertise), zijnde het Federaal Kenniscentrum voor de gezondheidszorg, een negatief rapport over homeopathie. Hierin werd gesteld dat "er geen enkel wetenschappelijk bewijs is dat homeopathie werkt." Bij gebruik ervan loopt men het risico een klassieke en noodzakelijke behandeling niet of te laat te starten. Voor meer details, zie : http://kce.fgov.be/nl/press-release/homeopathie-geen-bewijs-dat-het-werkt-en-toch-veel-gebruikt
Alvorens zijn rapport te publiceren heeft het KCE de Nationale Raad gecontacteerd met de vraag of er de laatste jaren klachten waren over ongeschikte behandelingen met alternatieve therapieën die ernstige gevolgen voor de patiënt met zich meebrachten. Hieronder vindt u het antwoord van de Nationale Raad.

Advies van de Nationale Raad :

Naar aanleiding van uw vraag heeft de Nationale Raad van de Orde van geneesheren de provinciale raden geraadpleegd om te weten of er de laatste jaren klachten waren over ongeschikte behandelingen met alternatieve therapieën die ernstige gevolgen voor de patiënt met zich meebrachten.

De laatste jaren werden er klachten van die aard ingediend waarvan een twintigtal aanleiding hebben gegeven tot een disciplinaire veroordeling uit hoofde van het feit geen verzorging gegeven te hebben die overeenstemt met de huidige wetenschappelijke kennis en misbruik gemaakt te hebben van de diagnostische en therapeutische vrijheid. Een derde van deze gevallen betrof ten onrechte gebruikte homeopathie in de behandeling van ernstige aandoeningen zoals kanker en bronchopneumopathie dikwijls zonder bijkomende onderzoeken.

Geneeskunde (Arbeids-)10/12/2011 Documentcode: a136010
Medische attesten bij een arbeidsongeval

De Orde van geneesheren werd gecontacteerd door de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg, Algemene Directie Toezicht welzijn op het werk. Deze is belast met arbeidsongevallen.
Ze zijn van mening dat het beroepsgeheim van een ambtenaar niet volstaat om inzage te hebben in medische gegevens en dat de ambtenaar arts moet zijn of onder toezicht van een arts moet werken. Is dit ook het standpunt van de Orde van geneesheren?
Daarnaast vraagt men zich af in hoeverre men het medisch attest van een ongevalaangifte kan of mag overmaken aan de arbeidsgeneesheer van de betrokken werknemer.

Advies van de Nationale Raad :

In zijn zitting van 10 december 2011 heeft de Nationale Raad van de Orde van geneesheren uw brief van 6 mei 2011 met kenmerk ... besproken.

De Nationale Raad wijst erop dat rekening houdend met het medisch beroepsgeheim niet-medici geen medische attesten kunnen inkijken.
Alleen artsen of personen werkzaam onder toezicht van een arts kunnen inzage hebben in medische gegevens.

Uw standpunt zoals beschreven in paragraaf 6 van de brief van 6 mei 2011 kan de goedkeuring van de Nationale Raad dragen.

De Nationale Raad is van mening dat medische attesten onder gesloten omslag dienen te worden verstuurd naar de arbeidsongevallenverzekering ter attentie van de adviserende arts (zie artikel 58, f, van de Code van geneeskundige plichtenleer).

De werkgever moet krachtens de artikelen 26 en 27 van het koninklijk besluit van 27 maart 1998 betreffende het beleid inzake het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk, de dienst voor preventie en bescherming op het werk op de hoogte brengen van het gebeurde ongeval.

Beroepsgeheim10/12/2011 Documentcode: a136011
Disaster Victim Identification Team (DVI) – Beroepsgeheim

In naam van de geneesheren-directeurs van de verzekeringsinstellingen wordt aan de Orde van geneesheren een bijkomende vraag gesteld omtrent het advies van de Nationale Raad van 30 april 2011, Victim Identification Team (DVI) - Beroepsgeheim, over het doorgeven van medische informatie bij vermiste personen.
De verzekeringsinstellingen worden soms geconfronteerd met de vraag om een aantal gegevens van medische aard en namen van zorgverstrekkers waar de persoon in behandeling was door te geven.
Betekent het advies van de Nationale Raad van 30 april 2011 dat de adviserend geneesheer kan ingaan op een gewone vraag van de procureur des Konings of van het DVI-team zelf?

Advies van de Nationale Raad :

In zijn zitting van 10 december 2011 heeft de Nationale Raad van de Orde van geneesheren uw e-mail van 16 juni 2011 besproken aangaande een bijkomende vraag omtrent het advies van de Nationale Raad van 30 april 2011 "Victim Identification Team (DVI) - Beroepsgeheim", over het doorgeven van medische informatie naar aanleiding van de verdwijning van personen.

De ziekenfondsen dienen bij een vraag van de politiediensten naar medische informatie in verband met of ter vervollediging van verzamelde gegevens met het oog op het identificeren van een lijk te verwijzen naar de behandelende arts.

Wat de vermissing betreft mag de adviserende arts van het ziekenfonds de namen van de zorgverstrekker(s) bij wie de persoon in behandeling was meedelen, doch medische gegevens kunnen enkel opgevraagd worden bij de behandelende arts. Deze kan de gevraagde medische gegevens meedelen wanneer hij zich kan beroepen op de noodtoestand waarover hij naar eer en geweten oordeelt.

Orde der artsen (Organisatie en werking van de-)10/12/2011 Documentcode: a136013
Publicatie van de adviezen van de Nationale Raad

Een arts vraagt de Nationale Raad nadere informatie betreffende de adviezen van de Nationale Raad en van het Bureau van de Nationale Raad, die op de website door artsen kunnen worden geraadpleegd.
Tevens vraagt hij wat de betekenis is van een uitroepteken bij sommige op de website van de Nationale Raad gepubliceerde adviezen.

Advies van de Nationale Raad :

Naar luid van het artikel 15, § 2, 2°, van het koninklijk besluit nr. 79 van 10 november 1967 betreffende de Orde der geneesheren heeft de Nationale Raad van de Orde van geneesheren tot taak "op eigen initiatief of op aanvraag van de openbare overheid, van openbare instellingen of van beroepsverenigingen van geneesheren, gemotiveerd advies te geven over algemene vragen, over beginselvraagstukken of over regelen van medische plichtenleer".

Het Bureau dat het dagelijks bestuur verzekert van de Nationale Raad, ontvangt die vragen omtrent medische plichtenleer, beantwoordt die waaraan op grond van wettelijke regels, de bepalingen van de Code van geneeskundige plichtenleer en reeds door de Nationale Raad uitgebrachte adviezen gevolg kan worden gegeven en maakt de vragen waaraan op die gronden geen gevolg kan worden gegeven voor beoordeling over aan de Nationale Raad.

Daar sommige vragen regelmatig terugkomen worden bepaalde van de in de gezegde context gegeven antwoorden van het Bureau op de website van de Nationale Raad gepubliceerd.

Noch de Code van geneeskundige plichtenleer, bij gebrek aan goedkeuring bij koninklijk besluit, noch de adviezen van de Nationale Raad of van zijn Bureau hebben wettelijk-bindende kracht.

Hierbij is aan te stippen dat:

- volgens het Hof van Cassatie het tot op heden niet verlenen door de koning bij een in ministerraad overgelegd besluit (art. 15, § 1, tweede lid, KB nr. 79) van bindende kracht aan de Code van geneeskundige plichtenleer niet tot gevolg heeft dat er geen regels van medische plichtenleer zouden bestaan; de regels van de Code, zelfs bij analogie toepasselijk, zijn regels van de plichtenleer die als dusdanig gelden voor de geneesheren.
- alhoewel de regels van de Code en de adviezen van de Nationale Raad en van zijn Bureau geen wettelijk-bindende kracht hebben en aldus geen formele grond voor tuchtbeoordeling door de provinciale raden vormen, deze regels wel door de provinciale raden en de raden van beroep van de Orde van geneesheren worden in acht genomen en mede de basis vormen voor tuchtrechtelijke vervolging en beoordeling.

De opmerkingen bij de op de website van de Nationale Raad gepubliceerde adviezen wijzen de lezer op een uitzondering en worden door een uitroepteken begeleid.

Informatica10/12/2011 Documentcode: a136015
Informaticatoepassing - Multidisciplinaire samenwerking in het kader van zorgtrajecten

De Nationale Raad wordt door een provinciale raad om advies verzocht aangaande de ontwikkeling van Medipath, een informaticatoepassing voor het beheer van multidisciplinaire samenwerking in het kader van zorgtrajecten.

Advies van de Nationale Raad :

In zijn zitting van 10 december 2011 heeft de Nationale Raad uw adviesvraag onderzocht betreffende de ontwikkeling van Medipath, een informaticatoepassing voor het beheer van multidisciplinaire samenwerking in het kader van zorgtrajecten.

De Nationale Raad erkent het nut van de uitwisseling van medische gegevens in de context van een multidisciplinair team.

In het voorliggende geval werd de firma Medibridge aangezocht om een oplossing uit te werken zodat de gegevens van een patiënt vanuit het elektronisch medisch dossier op een transparante, gebruiksvriendelijke en beveiligde manier consulteerbaar zijn en opgevolgd kunnen worden binnen een multidisciplinair team.

In het voorliggende voorstel is het multidisciplinair team minimaal samengesteld uit de huisarts, een educator, een arts-specialist, een diëtist, een podoloog, eventueel aangevuld met andere beroepsbeoefenaars.

De Nationale Raad wijst erop dat de patiënt of zijn vertegenwoordiger na voorafgaandelijk ingelicht te zijn, de toestemming dient te geven omtrent deze gegevensoverdracht.

Het systeem Medipath moet dermate ontwikkeld worden dat elke beroepsbeoefenaar alleen de gegevens kan raadplegen die noodzakelijk zijn voor de zorg die hij verleent. Bijgevolg moet de beschikbare informatie opgedeeld worden in categorieën, welke volgens de discipline van de onderscheidenlijke beroepsbeoefenaars kunnen geraadpleegd worden.
Er dient een repertorium van loggings te worden voorzien waarmede de patiënt of huisarts de toegang tot medische gegevens kan traceren.

Vorige pagina

30

pagina