De arts, of hij nu vrij door de patiënt werd gekozen of aan de patiënt door een wet, een bestuurlijke verordening of bepaalde omstandigheden werd opgelegd, moet altijd correct zijn en begrip tonen; behalve in gevallen met een duidelijke therapeutische weerslag zal hij zich van inmenging in familiale aangelegenheden onthouden; hij zal er op bedacht zijn geen filosofische, godsdienstige of politieke overtuiging te kwetsen.
keyboard_arrow_right
Code 2018
keyboard_arrow_right
Anderstalige versies
keyboard_arrow_right
Oudere versies
keyboard_arrow_right
Code 2018
keyboard_arrow_right
Anderstalige versies
keyboard_arrow_right